Blog Van push naar pull

5 november 2019

Een goed huwelijk is hard werken. Ooit las ik het boek van Johan Olav Koss, de schaatser die in de jaren negentig van de vorige eeuw wereldrecords onnatuurlijk scherp had gezet, waarin hij beschreef hoe hij tot zijn trainingsmethodes kwam. Als voorbeeld om te komen tot duidelijke communicatie over doelen gebruikte hij de sleur van een huwelijk.

Als ik het me goed herinner ging het als volgt. De vrouw zei dat haar man nooit een bloemetje voor haar meebracht terwijl ze dit zo op prijs stelt, de man zei dat zijn vrouw hem zo kon overvallen als ze zei dat ze klaar was om naar het theater te gaan terwijl hij totaal vergeten was dat ze ernaartoe zouden gaan. En hij had juist graag die voetbalwedstrijd willen zien op tv die avond. Hij antwoordde op haar opmerking dat hij niet wist dat zij zo van bloemen hield en zij zei dat ze zich niet kon voorstellen dat hij vergeten was dat ze eindelijk weer eens iets samen zouden gaan doen en naar het theater zouden gaan. Maar zelfs in een goed huwelijk kan en hoef je niet alles van elkaar te weten en komt het vaak neer op “waarom heb je dat niet gezegd?” versus “waarom heb je dat niet gevraagd?”. Communicatie is het middel wat dit voor een groot deel kan oplossen maar dat is hard werken zoals de meesten weten.

De recycling van kunststoffen zit voor een deel op het niveau van een vers huwelijk van mensen die elkaar al jaren kennen maar elkaar nog niet zo goed hebben leren kennen. En de communicatie tussen de twee is tot nu toe marginaal geweest.

In 40 jaar heeft kunststof zich met vallen en opstaan ontwikkeld tot een materiaal met uiterst effectieve en efficiënte oplossingen. Gedreven door onderzoek zijn steeds nieuwe materialen ontwikkeld, allemaal met unieke eigenschappen. Die eigenschappen bleken goed toepasbaar voor oplossingen waar vraag naar bleek te zijn in de markt. Vaak wordt gedacht dat de ontwikkeling van een materiaal de markt in wordt gepusht omdat de kunststof wereld dat wil. Dat is uiteraard onzin, de markt en in feite de consument bepaalt wat een blijvende oplossing is. Van dat wat verkocht wordt, wordt meer aangeboden.

Unieke oplossingen

Vooral de wereld van flexibele materialen laat ontwikkelingen zien. LDPE voor gasdichte seals, LLDPE voor rekwikkelfolie, PET folie voor helderheid, glans, bedrukking en bescherming van inkt en een folie die niet zo gevoelig is voor hete sealbalken, PA voor folies die een hoge doorsteekweerstand hebben en goed te thermovormen zijn, PP dat verstrekt een hele goede vochtbarrière heeft, en met behulp van vulstoffen gecaviteerd wordt (er ontstaan holtes in een film) waardoor het soortelijk gewicht daalt naar 0,7 kg/dm3, en EVOH als zuurstofbarrière. De jarenlange optimalisatie heeft geleid tot het combineren van al deze materialen tot samengestelde folies door technieken die mee-ontwikkeld zijn zoals co-extrusie, lamineren en coaten. Het gevolg is dat de oplossingen uniek zijn en grote hoeveelheden functies kunnen bieden waardoor totaal nieuwe product-verpakkingscombinaties naar de markt gebracht kunnen worden. Met het toenemen van de welvaart heeft dit geleid tot micro-geperforeerde zakken met zeven soorten hygiënisch gewassen sla die 10 dagen goed blijft en het hele jaar rond leverbaar, vlees dat verpakt wordt onder beschermende atmosfeer waardoor in de keten minder vlees wordt weggegooid, en stazakken voor soep die het gat in houdbaarheidsperiode vullen tussen verse soep die overigens meestal in plastic emmertjes zit en lang houdbare soep waarvoor metalen blikken een goede oplossing is. Nieuwe materialen die hebben geleid tot nieuwe product-verpakkingscombinaties die door de markt geaccepteerd zijn. De voorbeelden passen in de trend van steeds minder tijd besteden aan basisbehoeften waaronder het aanschaffen, bewaren en bereiden van eten.

De achterkant wil ook wat

Al deze ontwikkelingen hebben zich gericht op de voorkant van de verpakkingsketen, het bieden van optimale oplossingen om producten mooier, sneller, goedkoper, met langere houdbaarheid te verpakken. En nu vraagt de achterkant ineens om aandacht. De voor- en achterkant zitten namelijk in dezelfde keten. Dit inzicht heeft een hele grote versnelling doorgemaakt na publicatie van het Ellen McArthur Foundation rapport The New Plastics Economy, Rethinking the Future of Plastics. Volgens de Plastic Soup Foundation is 70% van alle ooit geproduceerde plastic nog steeds aanwezig op aarde. Voor een deel in zeeën, veel op land, al dan niet afgedekt. Dit alles roept vraagtekens op en toekomstige generaties laten terecht van zich horen. Wij hebben welvaart gebracht met geweldige oplossingen maar het huwelijk tussen ontwikkeling van al die materialen en het circulaire van die oplossingen mag ook wel een keer geconsumeerd gaan worden. Maar dat vraagt voorbereiding.

Circulair is niet alleen recyclebaar, zoals het helaas door velen gebracht wordt. Circulair gaat uit van toekomstige generaties die ook recht hebben op een welvarend leven op een gezonde planeet. Rethink, renew, reuse, reduce en recycle zijn strategieën die er allemaal bij horen. Het probleem is dus niet alleen van de producent van de geweldige plastic oplossing. Het is ook het probleem van de consument. Neem als voorbeeld een chipszak, een tweelaags opgebouwd materiaal, meestal co-ex BOPP, een laag bedrukt in spiegelbeeld (reverse printing) en een laag met opgedampt aluminium om een betere barrière en daarmee houdbaarheid te verkrijgen. De chipszak kan worden verwerkt in een stroom van kunststoffen als deze daar na sortering in terecht komt maar er kan alleen een dikwandig product van gemaakt worden. De laagsgewijze opbouw en de drukinkt beperken het gebruik als nieuw voedselcontact materiaal. Hoe circulair is dit materiaal?

Als we kijken naar rethink dan moeten we ons de vraag stellen of we chips nodig hebben met zo’n lange houdbaarheid. De volgende vraag is dan hoe lang we aardappelen goed kunnen houden als ze niet verwerkt zijn tot chips. En stel dat we een beter recyclebare zak maken, zonder barrièrelaag, met een korte houdbaarheid, transparant, is het de consument dan duidelijk dat het product kort na aankoop geconsumeerd moet worden en gebeurt dit ook werkelijk? Vaak roept de consument dat hij/zij het anders wil maar de winkels zonder verpakking waren binnen een jaar failliet want het kost toch wel erg veel tijd om er heen te gaan en het is lastig als de ingrediëntendeclaratie ontbreekt.

Toepassingsmogelijkheden

Als we lager in de cascade van circulariteit gaan en kijken naar de recyclebaarheid van de chipszak hangt het uiteraard af van de toepassingsmogelijkheid. Wordt bijvoorbeeld gebruik van virgin materiaal uitgespaard? Het spreekt voor zich dat het inzetten van recyclaat als materiaal een veld is waarvan de ontwikkelingen nog in de kinderschoenen staan. Het huwelijk wordt nog als uitermate vers beschouwd en de relatie is nog erg aftastend. Uiteraard zijn er toepassingen waar recycling al decennia lang gangbaar is zoals bij kunststof kratten en emmers, pallet folies en plastic tassen. En PET-flessen doen het ook goed maar bij al deze voorbeelden is vrij goed bekend wat het materiaal is dat binnenkomt. Maar dit geldt niet voor de materiaalcombinaties. En recycling van het materiaal wil niet zeggen dat het op hetzelfde niveau wordt gebruikt. Van een dunne draagtas wordt ook niet opnieuw een dunne draagtas gemaakt. Hooguit kan er recyclaat in een laag worden meeverwerkt. De pull-zijde van de markt is nog niet ontwikkeld en de push-zijde moet zich nog verder ontwikkelen. Er is bijna geen post-consumer recyclaat dat geleverd wordt met een technische specificatie waarin de elasticiteitsmodulus, smelttemperatuur en viscositeit opgenomen zijn.

Wat er gebeuren moet mag duidelijk zijn. We moeten communiceren en elkaar dichter gaan benaderen. Aan de voorkant moet geluisterd worden naar de achterkant, de achterkant moet leren hoe de voorkant denkt en beide partijen moeten stappen maken naar elkaar toe. En er moet blijvend onderzoek gedaan worden naar nieuwe technieken voor sorteren en herverwerken om het recyclaat beter op specificatie te krijgen. De consument moet ook zijn verantwoordelijkheid nemen door te laten zien dat hij/zij echt wil bijdragen aan meer circulaire oplossingen. Dan ontstaat er vraag naar recyclaat zodat de push-kant een belangrijke rol kan gaan spelen. Een cruciale vraag is of de markt dit kan zonder dwang van buiten in de vorm van opgelegde doelen, beperkingen, tekens etc. Die vraag kan ik niet beantwoorden maar we gaan zien of het huwelijk bestand is tegen alle druk van buitenaf en of het leidt tot vruchtbare resultaten. We werken er hard aan.

Roland ten Klooster
Hoogleraar Packaging Design and Management aan Universiteit Twente
Ontwerper/adviseur bij Plato product consultants

Deze blog is onderdeel van een serie waarin diverse schrijvers zijn uitgenodigd hun persoonlijke visie te geven op een uitdaging om vraag en aanbod van gerecyclede kunststoffen van huishoudelijk afval beter op elkaar aan te sluiten.

Wilt u reageren op deze blog, stuur dan een email naar KVG@rws.nl.


Roland ten Klooster

Roland ten Klooster

Verpakken heeft Roland ten Klooster gegrepen na een literatuurstudie over de introductie van kurk en kurketrekkers tijdens zijn opleiding tot Industrieel Ontwerpen aan de TU-Delft. Na zijn afstuderen bij Heineken Technical Services in 1987 waar hij een studie heeft gedaan naar de mogelijkheden bier te verpakken in kunststof flessen heeft hij daar zijn project afgemaakt. In 1991 heeft hij samen met Ton van Veen Plato product consultants opgericht en verpakken bleek een relatief onontgonnen terrein te zijn voor ‘structural’ design naast grafisch design.

Het ontwerpen van verpakkingen moet vanuit een ketengedachte plaatsvinden en dat was de reden voor deelname aan de eerste twee ronden van de Ecodesign projecten uit de eerste helft van de jaren negentig die getrokken werden door TU-Delft en TNO.

De onbalans die in veel ontwerpprojecten van verpakkingen aanwezig is heeft hij in 2002 verwerkt in een proefschrift waarin een hiërarchisch beslismodel voor het ontwerpen van verpakkingen verdedigd is. Sinds 2006 hij heeft de leerstoel Packaging Design and Management aan Universiteit Twente. De leerstoel wordt gefinancierd door het NVC Nederlands Verpakkingscentrum met ondersteuning van een 12-tal bedrijven. Er zijn ruim 90 studenten afgestudeerd op een verpakkingsgerelateerd onderwerp en ruim de helft daarvan is actief gebleven in het veld. Onderzoeksprojecten op terreinen zoals duurzaamheid, gebruiksgemak, ontwerpmethoden en invloed van het uiterlijk op keuzegedrag zijn begeleid en hebben geleid tot proefschriften.

Naast opdrachten voor internationals zoals Amgen, Ardagh, Danone, FrieslandCampina, Heineken, wordt gewerkt voor het MKB zoals Ansu Orchidee, Container Centralen en Nolet. Ook worden eigen ideeën naar de markt gebracht en dit heeft geleid tot het succesvolle 1-2-open deksel, geproduceerd door Crown uit Engeland, dat o.a. HAK gebruikt op haar glazen potten.

Andere activiteiten zijn presentaties voor branches, conferenties, expert in panels waaronder het College van Onafhankelijk Experts van het KIDV, voorzitter in jury’s en onafhankelijk expert in rechtszaken.

Het Zakboek Verpakkingen wordt door Plato product consultants uitgegeven en in 2019 is het Engelstalige boek Packaging Design Decisions uitgegeven door Destech waar hij (mede)auteur en (mede)redacteur van is.